Brein in balans

Brein in balans

Wil ik op de bus stappen om naar mijn schrijf workshop te gaan, gaat ‘ie niet. Weer een ‘dia feriado’, een feestdag. Het lijkt wel of Portugal het gehele jaar is gevuld met festiviteiten. Gelukkig is Eus, mijn man, zo lief om mij naar Portimao te brengen, zodat ik ruimschoots op tijd ben. Wandelend langs de rivier de Arade, met zijn kleurrijke vissersbootjes uit vervlogen tijden, komt het ene na het andere idee bij me op.

Een hapering

Het menselijk brein blijft mij boeien. Zo is het gevuld met constructieve plannen dan weer met destructieve hersenspinsels. Hoe komt dat toch? Vanuit innerlijke rust is het voor mij gemakkelijker om mijn brein te vullen met inspirerende ideeën. In de hectiek komt nog wel eens overbodige prut naar boven door een opmerkelijke hapering in zelfvertrouwen. Ik heb mij voorgenomen om onnodige denkbeelden in mijn delete bak te gooien, een anti-virus van het merk ‘heb vertrouwen’ erop te zetten, om zoveel mogelijk ruimte te scheppen voor positieve gedachten.

Bevoorrechte generaties

Mijn gedachten dwalen af naar een gesprek met Eus, dat ik onlangs voerde. We spraken over de vroege middeleeuwen toen  mensen niet ouder werden dan veertig. Dit door talloze bedreigingen zoals oorlogen, epidemieën of een overmatig gebruik van alcohol. Tegenwoordig komt gevaar uit een andere hoek. De meesten onder ons zijn van gezegende generaties die zelfs nooit een oorlog hebben mee gemaakt. Van de buren kunnen we een pak suiker of koffie verwachten maar niet een knots of een bijl om onze hersens mee in te slaan.

Vluchten of vechten

Ons brein is geëvolueerd. Toch zijn er nog residuen van een vlucht- of vechtreactie,  uit zelfbescherming. En omdat er meestal geen natuurlijke vijand is creëren we die in ons brein. Een erfenis dus van onze verre voorvaderen. Onze denkbeeldige vijand kan de boze buitenwereld zijn en alles waar we geen vat op hebben.

Spontaan of gecontroleerd

Mijn brein heeft twee kanten. Van nature gaat het zijn eigen gang, volgt spontane intuïtieve impulsen. Maar wanneer ik dat naar de buitenwereld uitdraag,  is er een innerlijke criticus die zegt: “Wat zouden ze ervan denken? Is het niet te gewaagd? Is het niet stom? Heb ik niet te makkelijk praten?” Dus ga ik invullen wat een ander eventueel zou denken, vaak ver buiten de realiteit. En als het waar zou zijn, wat dan nog? Ik ga niet dood, ik word er niet ziek van, niemand vermoordt mij. Deze kant van mijn brein vind ik erg lastig. Het helpt om te aanvaarden dat ik goed genoeg ben zoals ik ben, en dat fouten maken bij het leven hoort.

Hoe zit het bij jou?

Ga eens bij jezelf na? Welke gedachten komen uit je intuïtie? Welke zijn een gerechtvaardigde waarschuwing en welke denkbeeldig of zelfs paranoïde? Welke denkbeelden voeden jou en welke remmen je af? Maak jij van je brein een afvalbak of een originele denktank?  Wat doe jij met jouw talenten? Word de geest onrustig omdat jouw creativiteit geen uitingsvorm heeft? Bij welke bezigheid krijg jij rust in je brein?

Wandelen en lachen

Bij mij helpen wandelen en lachen, los van elkaar maar ook gecombineerd. Probeer maar eens te denken terwijl je schaterlacht ;).  Tijdens mijn wandelingen ben ik van nature gericht op mijn zintuigen: wat ik voel, hoor, zie, aanraak en ruik. Hierdoor wordt als het ware mijn bovenkamer als vanzelf geschoond. Ik krijg nieuwe, heldere ideeën en kan eventuele irreële gedachten in perspectief plaatsen. In de nabije toekomst ga ik mijn wandelervaringen beschrijven. Dit ter inspiratie. Om zo van je ochtendwandeling een bezinningsmoment te maken, voor een brein in balans.